sla menu over

Genesis 32: 23 – 29

23Het was nog nacht toen Jakob opstond en de Jabbok overstak op een doorwaadbare plaats, samen met zijn beide vrouwen, zijn twee bijvrouwen en zijn elf kinderen. 24Nadat hij hen over de rivier had geholpen, bracht hij ook al zijn bezittingen naar de overkant. 25Maar zelf bleef hij achter, helemaal alleen, en er worstelde iemand met hem totdat de dag aanbrak. 26Toen de ander zag dat hij het niet van hem kon winnen, raakte hij Jakobs heup aan, en daardoor raakte Jakobs heup tijdens die worsteling ontwricht. 27 Toen zei de ander: ‘Laat mij gaan, het wordt al dag.’ Maar Jakob zei: ‘Ik laat u niet gaan tenzij u mij zegent.’ 28 De ander vroeg: ‘Hoe luidt je naam?’ ‘Jakob,’ antwoordde hij. 29Daarop zei hij: ‘Voortaan zal je naam niet Jakob zijn maar Israël, want je hebt met God en mensen gestreden en je hebt gewonnen.’

Wie recent bij ons door de straat is gekomen heeft kunnen waarnemen dat er bij ons in de voortuin een bord stond: ‘VERKOCHT’.

Vooropgesteld, wij wonen in een fantastisch huis, ruim, licht en op een mooie locatie. Maar vanwege de hoogteverschillen heeft het veel trappen. Dat maakt dat het niet geschikt is voor oude mensen. Eind vorig jaar hebben wij daarom besloten om de komende jaren uit te zien naar woning waar je gelijkvloers kunt wonen. Nu zijn we nog fit en kunnen het ook nog aanpassen aan onze wensen en eisen. Een rationele beslissing.
Regelmatig funda bezoeken. Verschillende huizen bekijken. Dat alles bijzonder kritisch, er is immers geen enkele noodzaak te verhuizen. En misschien duwden we het onbewust van ons af. Totdat begin augustus het huis voorbij komt dat ons beiden zeer aanstaat. Vandaar dus dat bord in de tuin.
Toen wij het huis kochten, hebben wij beiden anderhalve week rondgelopen met een koop in de maag. Help, we moeten hier weg! Wat doen we onszelf aan? Wat hebben we overhoop gehaald? Waar zijn we aan begonnen? Wat een werk halen we ons op de hals? Kunnen we nog terug? Maar ook het besef dat doordringt – misschien wel zich opdringt – dat je een periode in je leven afsluit en dat er een nieuwe begint.

Zojuist lazen we over Jakob. Hij vlucht voor zijn broer Ezau nadat hij hem en zijn vader bedrogen heeft. Met niets komt hij bij zijn oom Laban en verwerft zich daar een gezin en grote rijkdom. De periode van een bestaan opbouwen is klaar en de tijd heeft Jakob veranderd en andere behoeften doen ontstaan. Jakob sluit een periode af en keert mijn zijn hele hebben en houden richting zijn geboortegrond. En dan komt het moment dat Ezau in aantocht is en hij zijn gezin en zijn bezit over de rivier de Jabbok zet, maar zelf blijft hij achter. Hij is er nog niet klaar voor om de overgang te maken van wat achter hem en wat vóór hem ligt. Daar bij de Jabbok – deze naam heeft niet voor niets grote overeenkomst met Jakob – komt hij zichzelf voluit tegen. Hij heeft nog een gevecht te voeren; met zichzelf. Daar is geen ontkomen aan!

Wanneer de overgang van de ene naar de andere levensfase zo duidelijk wordt gemarkeerd kan het niet anders dan dat er onverwachte gevoelens en gedachten losgemaakt worden. Het kost tijd die ter verwerken, en het kan er heftig aan toegaan. Naast het opruimen van het huis moesten wij ook ons hoofd en gevoel ordenen en opruimen. En beiden geven rust en ruimte, maar ook energie, voor de dingen die gaan komen.

Volgende week, 1 december, zijn er geen wijkgemeenten meer, maar één Protestantste Gemeente Soest. De terugloop in het aantal leden maakt een verandering noodzakelijk. De fase van gemeentezijn in verschillende wijken wordt afgesloten; een nieuwe fase van gezamenlijk optrekken begint.
Plannen werden gemaakt met mooie titels als ‘Dromen en Bouwen’, ‘Om de verandering’ en ‘Trektocht naar de toekomst’ met daarin prachtige vergezichten. Er is veel vergaderd en veel gediscussieerd over vooral – en misschien wel te veel – geld en gebouwen en te weinig over de inhoud.
Met het opheffen van de wijken gaat er ook veel veranderen voor gemeenteleden, voor u, voor jou en voor mij. Zo veranderen wellicht bekende rituelen, de manier van vieren, je plek in de kerk tijdens de viering en andere kleine dingen waaraan je zo gehecht blijkt te zijn. Kerkgebouwen verdwijnen of veranderen. Vragen en gevoelens die een enorme impact kunnen hebben. Wat betekent dat voor mij? Wat ga ik kwijtraken? Is er straks in die ene gemeente ruimte voor mij en mijn geloof? Naast praktische zaken ook indringende vragen die heel dicht bij jezelf komen. Die je letterlijk aan het hart gaan. Het is als het pellen van een ui. Het verwijderen van elke rok is het afstand doen van iets waaraan je zeer gehecht bent en eigenlijk niet wilt missen. Dat is hard werken, het doet pijn en het brengt misschien ook tranen. Zo kom je tot de kern van je zijn. Dat wie je werkelijk bent en wat wezenlijk voor je is.
Zo zijn wij straks allemaal deel van die ene PGS, met onze zorgen, met het gemis en met onze twijfels. Die mogen we uiten en delen met anderen. Dat kan alleen in een omgeving waar openheid, vertrouwen en respect aanwezig zijn. Waar echt wordt geluisterd naar wat de ander bezighoudt en drijft. Alleen dan ontstaat er creativiteit en inspiratie, en ruimte waarin nieuwe perspectieven kunnen ontstaan. Perspectief op nieuwe wegen in gemeente-zijn. Om invulling te geven aan gemeente-zijn in deze sterk geïndividualiseerde maatschappij waarin conservatieve en nationalistische sentimenten lijken toe te nemen. Een maatschappij die steeds complexer wordt, waarin veel mensen grote moeite hebben de ontwikkelingen te volgen.
In het vertrouwen dat er ruimte is voor iedereen, elk met zijn of haar zorgen en twijfels, en dat wij elkaar ook daarin zullen vasthouden, begint een nieuwe fase van de kerk in Soest.
Daarbij gaan wij met Gods zegen. In het schijnsel van zijn licht.